| Transitieatlas | Niet ingelogd | Nieuw account | Inloggen

CODIN start een Nieuwsbrief

Introtekst: 
Hartelijk welkom bij de eerste editie van de CODIN Nieuwsbrief. Deze nieuwsbrief bundelt nieuws over duurzaamheid, en besteedt speciale aandacht aan duurzame innovatie in Noord-Nederland. Hij wordt kostenloos verspreid. De nieuwsbrief verschijnt voorlopig onregelmatig, als er iets te melden is. Belangstelling voor een abonnement? Maak dan een account aan op www.codin.nl.
Hoofdtekst: 

Hebt u nieuws voor de nieuwsbrief? Mail het naar info@codin.nl of maak zelf een item aan in de nieuwsafdeling van de CODIN website. De redactie bepaalt welke items op de site gepubliceerd worden en welke bovendien in de nieuwsbrief verschijnen.

Wat vindt u van de nieuwsbrief? Welk nieuws wilt u hier met name terugvinden? We horen graag uw opmerkingen en suggesties op info@codin.nl.

De CODIN webredactie

 

Dag van de duurzaamheid

Introtekst: 
Stichting Urgenda heeft 11 november 2011 uitgeroepen tot Dag van de Duurzaamheid. In het hele land zijn vandaag meer dan 150.000 mensen actief om aandacht te vragen voor duurzaamheid en duurzaamheidsprojecten. In het Noorden verschaft CODIN vandaag overzicht over 145 duurzame noordelijke organisaties, 50 noordelijke projecten, 5 noordelijke ketenoverleggen, 86 duurzaamheidsnetwerken en nog veel meer.
Hoofdtekst: 

Overal in Noord-Nederland wordt werk gemaakt van duurzaamheid. Een deel van de duurzame organisaties en initiatieven heeft een eigen profielpagina op de CODIN website. Hieronder een 'luchtfoto'; op www.codin.nl het volledige overzicht.

Contactnet: 145 duurzame bedrijven, instellingen en netwerken. Nieuw: De Groninger Biologische Groentehandel, Technea, Awizon B.V..

Projecten: 50 projecten voor duurzame innovatie in uiteenlopende werkvormen, met links naar deelnemers die in deze projecten betrokken zijn. Nieuw: Veldlab C2C-dakbedekking, Waddendobber, Koploperproject duurzaam ondernemen bedrijven.

Ketenoverleg: 5 ketenoverleggen, met links naar aangesloten bedrijven en instellingen. Nieuw: Fries Industrieel Foodketenoverleg, Verfketenoverleg Noord-Nederland, Betonketenoverleg gemeente Emmen.

Netwerken: 86 verenigingen, netwerken en online communities voor duurzame innovatie, met links naar CODIN-deelnemers die daar lid van zijn. Nieuw: Duurzaamheidsplatform Heerenveen, Passief Bouwen, Clean Tech Alliantie.

Diensten: 17 diensten voor duurzame innovatie van zakelijke dienstverleners, kennisinstellingen, semi-overheden en overheden, met links naar deelnemers die deze diensten leveren. Nieuw: Advies duurzame energie, Congresorganisatie, Subsidieadvies duurzaamheid.

Onderzoeken: 30 onderzoeksmethodes, zelfevaluaties en quick scans voor duurzame innovatie, met links naar deelnemers die daar ervaring mee hebben. Nieuw: Energy Transition Model, CODIN Sneltest duurzame innovatie, UNETO-VNI Duurzaamheid scan.

Certificaten: 148 certificaten voor duurzame producten, processen en bedrijfsvoering, met links naar CODIN-deelnemers die certificaathouder zijn. Nieuw: Eco-score, Milieuthermometer, Green Award.

Kenniscentra: 16 kenniscentra voor duurzame innovatie in Noord-Nederland en elders. Nieuw: Stichting Groen Gas Nederland, Kenniscentrum Duurzaam Renoveren, Materia.

 

Eerste betonketenoverleg in Groningen

Introtekst: 
Bouwmaterialen kunnen duurzamer, om te beginnen beton. Met dit idee zijn donderdag 23 september zeven stad-Groningse partijen om tafel gaan zitten voor het eerste Groningse betonketenoverleg. De eerste actie is gericht op verwerken van sloopbeton in nieuw beton.
Hoofdtekst: 

Beton is na water het meest gebruikte product in de gemeente Groningen. Het lijkt een duurzaam materiaal, maar is dat ook zo? De winning van zand en grind kosten veel energie en gaan ernstig ten koste van het landschap. Bij de fabricage van cement en staal komt zeer veel CO2 vrij, en dan moet het nog getransporteerd worden. Duurzaamheid van beton is daarom een belangrijk onderwerp voor Groningen, dat graag duurzaamste stad wil zijn.

Bij de deelnemers aan het nieuwe betonketenoverleg zitten producenten, afnemers, advieseurs en recycelaars, en verder de gemeente, brancheorganisaties, beroepsonderwijs. Allemaal hebben ze een beleid van duurzaam willen zijn, maar ze hebben ook allemaal een beperkte speelruimte, gedicteerd door de markt, overheidsregelgeving, of budgetten. Met een ketenoverleg kiezen de partijen ervoor om ieder binnen de eigen marges een stapje te maken richting duurzaamheid. Dat wordt onderling goed afgestemd zodat het gezamenlijke effect versterkt wordt en permanent kan zijn. Tenslotte wordt voor de uitvoering een gezamenlijke invoerdatum afgesproken om elkaar niet tegen te werken en de communicatie over de aanpassing te vereenvoudigen.

De eerste actie waarop dit principe wordt toegepast is het vergroten van het marktaandeel van granulaatbeton in de gemeente Groningen. Granulaatbeton is beton waar geen grind in zit, maar in plaats daarvan kleingebroken sloopbeton. Voor de meeste toepassingen maakt dat geen verschil, je ziet het niet, het is even sterk en gaat net zo lang mee. Bovendien zit er een flink milieuvoordeel aan: het vermindert de bergen bouwpuin, het voorkomt dat het landschap verandert in zand- en grindgaten, en het scheelt een heleboel gesleep met materiaal.

In de stad lijkt deze slag gemakkelijk te maken. Recyclingbedrijven als Recycling Maatschappij Groningen en Oosterhof Holman liggen aan het Winschoterdiep, op slechts een steenworpafstand van de Betonmortel Centrale Groningen. Het granulaat dat ze maken kan dus zo naar de buren. De Betonmortel Centrale Groningen heeft op zijn beurt al sinds jaar en dag granulaatbeton in de aanbieding voor de aannemers, het is niet meer dan een druk op de knop. Ook de aannemers zijn best bereid een stukje om te schakelen naar granulaatbeton. Architecten, constructeurs en adviseurs idem, die willen het best in de bestekken zetten. Veel duurder of goedkoper dan 'gewoon' beton is het ook al niet.

Helemaal simpel is het echter niet. Dingen veranderen, dat gaat niet zo hard in de bouw, ook niet als het nieuwe product kwalitatief net zo goed is. En sloopbeton vindt ook nu al een goede toepassing: in de wegenbouw, als fundamentmateriaal onder asfalt en straatstenen. Daar is ook wel ander materiaal voor beschikbaar, maar dat heeft technische bezwaren. Juist hier blijkt de meerwaarde van het nieuwe betonketenoverleg: zonder overleg verandert er niets, en door het overleg ontstaat er nu bij alle partijen belangstelling om te experimenteren en dingen gezamenlijk aan te pakken.

Ketenoverleg van het soort dat nu opstart is een idee van het Contactnet Duurzame Innovatie Noord-Nederland (CODIN). De gemeente Groningen werkt hierin samen met de Kamer van Koophandel, Syntens, de Natuur en Milieufederatie en anderen. Jack van der Palen, stad-Gronings architect en voorzitter van het betonketenoverleg: "Een ketenoverleg kun je uitbreiden als Lego. Op een actie waar de mensen warm van worden stapel je gemakkelijk volgende acties. Verder kun je uitbouwen naar andere gemeenten want beton doen ze overal. Bovendien werkt het idee net zo goed voor meubels, auto's en kleding, het kan in principe met alles. Het is dus een praktische manier om te werken aan een duurzame economie."

Bij de opening van het overleg is Urgenda aanwezig, een landelijke stichting voor duurzame ontwikkeling. Urgenda was afgelopen week in de hele provincie op bezoek bij duurzame projecten. Van der Palen: "Het verhaal van dit initiatief gaat snel rond, we krijgen nu aanmeldingen uit de recyclingsector en van adviesbureaus. Maar er is ook nog een lange weg te gaan. De wil is er maar de praktijk is vaak weerbarstig."

Bij de opening van het betonketenoverleg neemt het gezelschap de proef op de som. Onder toeziend oog van ruim 30 gasten wordt bij BCG van granulaat, zand en cement 9 kuub mortel gemengd en in een betonauto gegoten, bestemd voor een vloer in een bouwproject. Een kruiwagen vol gaat in een gietvorm voor proefstukken. Een eerder uitgehard proefstuk wordt in de pers gedaan en zo zwaar belast dat het bezwijkt. De betonspecialisten zijn tevreden: granulaatbeton ruikt als nieuw en is zo sterk als een huis.

 

Cradle-to-Cradle certificaat goed voor omzetgroei

Introtekst: 
Een C2C-basiscertificaat blijkt voor veel producten haalbaar te zijn en levert ondernemers een flinke omzetgroei, maar voor veel kleine bedrijven is het op dit moment nog kostbaar. Dat werd duidelijk tijdens de workshop Atelier C2C certificatie, die op woensdag 22 september in Leek werd georganiseerd. Bijna vijftig noordelijke ondernemers en specialisten hebben zich die middag verdiept in certificatie van duurzame producten. De inleiding werd verzorgd door Cradle-to-Cradle specialisten van EPEA uit Hamburg. De opening werd bijgewoond door de Urgenda regiotour.
Hoofdtekst: 

Certificatie van duurzame producten is een onderwerp in opkomst. Er bestaan al tientallen keurmerken voor biologische voedingsmiddelen, fair trade producten, duurzaam bouwen, etc. Cradle-to-Cradle certificatie (C2C) van producten is één van de topmerken hierin, omdat het zware eisen stelt aan materiaalkeuze, energiegebruik, productieproces, ketensamenwerking en bedrijfsorganisatie. Uitgangspunt bij C2C-certificatie is dat een product na gebruiksduur milieuveilig composteerbaar is en als grondstofbron kan dienen voor nieuwe producten. Bedrijven die het certificaat mogen voeren, melden omzetstijgingen in dubbele cijfers. Er zijn wereldwijd al honderden producten met een C2C-certificaat, maar Noord-Nederland kent nog geen gecertificeerde producten.

Bonbons certificeren
De inleiders uit Hamburg, Erik van Buuren en Sonja Rickert-Kruglov, naaste medewerkers van grondlegger Michael Braungart, kregen voor aanvang van de workshop al een sprekerspresentje. Dagvoorzitter Peter Bootsma van CODIN daagde ze uit om eens uit te rekenen wat certificatie van de duurzame doos bonbons zou kosten, geleverd door bonbonatelier Schlaman in Groningen. Het antwoord, ruim 15.000 euro, viel het publiek niet mee. De discussie spitste zich toe op de vraag hoe die kosten omlaag kunnen. CODIN en enkele ondernemers gaan hierover in gesprek met EPEA.

Impuls
Het atelier werd georganiseerd door CODIN, het economie-brede Contactnet Duurzame Innovatie Noord-Nederland. CODIN is tevreden over de impuls die van de bijeenkomst uitgaat. In het verlengde van dit atelier wordt er met twaalf Noordelijke bedrijven verder gewerkt om de eerste C2C certificatie in de regio binnen te halen. Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door de Noordelijke provincies vanuit het programma Leren voor Duurzame Ontwikkeling (LVDO). Het atelier wordt bij voldoende belangstelling herhaald, belangstellenden kunnen zich bij CODIN melden. Het atelier vond plaats in het informatiecentrum van Nienoord in Leek. Het centrum was door de gemeente Leek beschikbaar gesteld en de bijeenkomst werd geopend door wethouder Meindert Bouma. Leek heeft een actief duurzaamheidsbeleid wat onder andere heeft geleid tot de duurzaam gebouwde woonwijk Oost-Indie.

Bezoek van Urgenda regiotour Groningen
De opening van het atelier werd bezocht door de Urgenda regiotour Groningen. Urgenda is een landelijk werkende stichting die de transitie naar een duurzame economie wil versnellen, onder andere door duurzame projecten in de publiciteit te brengen.

Het CODIN-project "C2C-productontwikkeling", waar dit atelier deel van uitmaakt, wordt financieel mogelijk gemaakt door de provincies Friesland, Groningen en Drenthe in het kader van het programma "Leren voor Duurzame Ontwikkeling" (LVDO).

 

Nieuwe ‘Cradle to Cradle producten’ dankzij unieke samenwerking

Introtekst: 
Binnenkort start het nieuwe netwerk Contactnet Duurzame Innovatie Noord-Nederland (CODIN) met het unieke project Cradle to Cradle Productontwikkeling. Daarin ontwikkelen twaalf industriële bedrijven in de gemeenten Groningen, Leeuwarden, Emmen en Hoogeveen een duurzaam product volgens de principes van Cradle to Cradle. CODIN is een netwerk van noordelijke bedrijven, organisaties, overheden en kennisinstellingen. Het netwerk wil het marktaandeel voor duurzame producten en diensten in Noord-Nederland vergroten.
Hoofdtekst: 

Twaalf industriële bedrijven in de gemeenten Groningen, Leeuwarden, Emmen en Hoogeveen gaan binnen het project ieder hun productontwikkeling ombuigen in de richting van Cradle to Cradle (C2C). Daarbij is een belangrijk uitgangspunt dat alle afval volledig herbruikbaar is in een productieproces, of biologisch afbreekbaar is. De bedrijven kunnen het project afsluiten met een C2C-certificaat. De kennis die zij opdoen wordt met een grote groep bedrijven, overheden en kenniscentra gedeeld. De betrokken gemeenten, innovatiespecialist Syntens en C2C experts staan klaar om geïnteresseerde bedrijven te assisteren. Doel van het project is dat zo veel mogelijk bedrijven, adviseurs, kennisinstellingen en overheden in Noord-Nederland ervaring opdoen met duurzame innovatie, gericht op Cradle to Cradle. De provincies Groningen, Fryslân en Drenthe hebben 200.000 euro beschikbaar gesteld voor het project.

CODIN
Het contactnet Duurzame Innovatie Noord-Nederland (CODIN) coördineert onder meer het C2C-project en zorgt voor opbouw en een zo breed mogelijke verspreiding van praktische informatie over dit onderwerp. CODIN is een netwerk van bedrijven, organisaties, overheden en kennisinstellingen dat gestart is op initiatief van negen organisaties: de Kamer van Koophandel Noord-Nederland, de gemeenten Groningen en Leeuwarden, Syntens, de drie Natuur- en Milieufederaties in het noorden, TechnologieCentrum Noord-Nederland en adviesbureau Hunesus. Door als partijen samen te werken, wil CODIN het marktaandeel voor duurzame producten en diensten in Noord-Nederland vergroten. Inmiddels hebben enkele tientallen bedrijven en organisaties zich aangesloten bij CODIN.

Aanmelden
De projectaanpak van C2C-productontwikkeling is ontwikkeld door CODIN, Syntens en de vier gemeenten. Syntens begeleidt de bedrijven bij het inzichtelijk maken van duurzame innovatiekansen en de vertaling daarvan naar nieuwe omzet. Syntens helpt ook bij het inschakelen van C2C specialisten. Industriële bedrijven in de gemeenten Leeuwarden, Groningen, Emmen en Hoogeveen die geïnteresseerd zijn in het Cradle2Cradle project, kunnen contact zoeken met de gemeente, Syntens of de Kamer van Koophandel. Informatie over CODIN en het C2C-project is te vinden op:

 

Cradle to cradle stand op Bedrijvencontactdagen Drenthe

Introtekst: 
Is duurzame innovatie een trend, een must of een kans? Deze vraag wordt tijdens de Bedrijvencontactdagen Drenthe (BCDD) op 13 en 14 april beantwoord door een 6-tal koplopers op gebied van duurzame innovatie in Noord-Nederland.
Hoofdtekst: 

Zes bedrijven presenteren zichzelf en een aantal Cradle to Cradle geïnspireerde projecten in een grote kartonnen doos van 6x6x6 meter. Innovatienetwerk Syntens en Contactnet Duurzame Innovatie Noord- Nederland (CODIN) maken het thema compleet.

De zes bedrijven zijn:
- DHV Advies- en ingenieursbureau
- Flim Architecten Architectenbureau
- HempFlax Producent en verwerker van industriële Hennep
- Hunesus Adviesbureau Duurzame Innovatie
- Melle Koot Ontwerpstudio
- Schilders de Vries Renovatie en onderhoud vastgoed

 
Socials